Twijfelen of je hulp verdient? Dan is het antwoord ja: dit is het verhaal van Iris.
Moet je een duidelijke oorzaak hebben om je eetstoornis serieus te nemen? In deze aflevering van de Changes Podcast vertelt Iris, die eind 2021 werd opgenomen in de eetstoorniskliniek in Halsteren, over haar weg naar herstel. Samen met psycholoog Birgit praat host Hanneke over eetstoornissen zonder aanwijsbare oorzaak, het verschil tussen bekeken worden en gezien worden, en het KID-programma voor mensen met een eetstoornis én trauma.
Een vrolijk kind dat zich anders voelde
Iris groeide op in een klein dorp in Brabant als enig kind. Ze was vrolijk, sociaal en had snel een vriendengroep op de middelbare school. Toch voelde ze zich vanaf haar vroege puberteit anders dan anderen. Op haar zestiende ging ze met haar vriendinnen op vakantie. Zij keken er enorm naar uit, Iris telde de dagen tot ze weer naar huis kon. Achteraf denkt ze dat het de eerste keer was dat ze echt somber was.
Tijdens een half jaar studeren in het buitenland kreeg ze voor het eerst serieuze somberheidsklachten. Ze had veel vrije tijd en ging veel nadenken over waarom ze zich niet fijn voelde. Terug in Nederland werd het erger. Ze ontwikkelde copingstrategieën, waaronder de eetstoornis. Niet bewust, benadrukt Iris. Het groeide langzaam en sluipend, tot het een obsessie werd. Alles draaide eromheen, en daardoor was er geen ruimte meer om over iets anders na te denken.
Waarom een eetstoornis zo aantrekkelijk kan zijn
Birgit legt uit dat een eetstoornis vaak een vorm van schijncontrole is. Op momenten dat je het gevoel hebt de controle kwijt te zijn of op zoek bent naar jezelf, is eten een snelle en toegankelijke manier om weer regie te pakken. Ook zelfbeeld speelt een rol, zeker bij jongeren. Op social media zie je vooral mensen die zelfverzekerd zijn en een mooi plaatje laten zien. Wie zichzelf al niet goed genoeg vindt, ziet dat bevestigd.

Een wachtlijst van twee weken
Iris was 23 toen ze uitviel op haar werk en sociaal steeds minder deed. Ze zocht hulp voor de eetstoornis en kreeg een ambulant traject, eens per week een gesprek. Ze had een goede klik met haar therapeut en dacht: ik doe iets, dus het komt goed. Haar therapeut twijfelde al langer of dit genoeg was. Na negen maanden verwees ze Iris door naar Changes.
Een uur per week was te weinig voor iemand die inmiddels niet meer werkte, geen school had en weinig contact met vrienden. Iris zat veel binnen en had te veel ruimte om het op haar eigen manier te doen. Dat het ook coronatijd was, versterkte dat. De wachtlijst bij Changes bleek kort: na twee weken kon ze al terecht.
Een angstig meisje, en een wil om te veranderen
Birgit herinnert zich Iris als een angstig meisje dat steeds bevestiging zocht: doe ik het wel goed, mag ik hier zijn, ben ik niet te veel? Ze zag ook iets anders: de wil om iets te veranderen. Iris zelf herinnert zich vooral dat het gezellig was. In coronatijd, toen de samenleving stillag, ging de kliniek gewoon door. Ze had eindelijk weer interactie met mensen, en voelde zich gezien. Ze was niet zo raar als ze altijd dacht.
Je hoeft de oorzaak niet te kennen
Een van de belangrijkste thema’s in de aflevering: Iris had geen duidelijk trauma of ingrijpende gebeurtenis waaraan ze haar eetstoornis kon koppelen. Dat maakte het moeilijk. Ze dacht dat haar probleem daardoor niet serieus was, en dat ze geen recht had op behandeling. De eerste weken in de kliniek werkte ze vooral aan die overtuiging, voordat ze echt kon beginnen.
Birgit benadrukt dat een eetstoornis erg genoeg is als je er in je dagelijks leven last van hebt. Een aanwijsbare oorzaak is niet nodig. Bij Iris ging het om puzzelstukjes verzamelen, stap voor stap. In de therapie ligt de nadruk niet op eten of cijfers, maar op de vraag: wie ben je?
Wat gaf Iris de motivatie? Tegen het einde van de opname, toen de terugkeer naar huis dichterbij kwam, besefte ze dat ze niet terug wilde naar haar oude leven. Ze wist nog niet precies wat de onderliggende oorzaak was. Dat viel pas jaren later op zijn plek.
Een nieuw leven, stap voor stap
Na de kliniek volgde Iris dagbehandeling in Breda. Dat maakte de overgang kleiner, ook omdat er therapeuten werkten die ze al kende en het dezelfde werkwijze was. Daarna veranderde ze veel, maar gefaseerd. Ze begon met re-integreren op haar werk, merkte dat dat niet meer paste en koos voor de opleiding tot ervaringsdeskundige. Ze werkt nu nog steeds in het sociaal domein, als HR-medewerker. Ze kreeg een relatie waarin ze zich veilig voelt en verhuisde naar een plek die beter bij haar past.
Birgit vindt het mooi om te horen dat Iris steeds meer is gaan doen wat bij haar past. In de kliniek legden ze samen de basis. Daarna bloeide ze op.
Bekeken worden of gezien worden
Het klinische leven vergt veel. Iedereen woont 24 uur per dag in de kliniek, dus alles wat er speelt kan in de therapie worden gebruikt. Dat is ook zwaar. Iris ervoer het soms als een vissenkom: mensen die de hele dag door het glas naar je kijken, en je kunt nergens heen.
Birgit maakt een onderscheid dat blijft hangen.
“Er is een verschil tussen bekeken worden en gezien worden. Bij bekeken worden zit een oordeel. Wij proberen je te zien en te horen, zonder oordeel.“
– Birgit (psycholoog, eetstoorniskliniek Halsteren)

Iris herkent dat nu. Toen kon ze het nog niet voelen, omdat ze erg onzeker was. Nu weet ze dat je iemand echt kunt zien zonder te oordelen.
Een omgeving zonder toxiciteit
Iris merkt dat Changes zich onderscheidt van andere organisaties waar ze ervaring mee had. Er was bijna geen ruimte voor de eetstoornis, en ook niet voor de wedijver tussen cliënten die je elders soms ziet. Birgit denkt dat het zit in hoe ze naar mensen kijken: naar de persoon, niet naar de eetstoornis. Behandelaren laten zien dat ze ook mensen zijn, staan naast cliënten en werken vanuit ervaringsdeskundigheid en gevoel. Ook de omgeving telt, met roze muren, plantjes en schilderijen. Het voelt niet klinisch, maar warm en huiselijk.
Wanneer eetstoornis en trauma elkaar in stand houden
Het tweede deel van de aflevering gaat over het KIT-programma, de klinische intensieve traumabehandeling voor eetstoornissen. Birgit hielp het ontwikkelen. Ze zagen dat steeds meer cliënten binnenkwamen bij wie trauma het herstel van de eetstoornis in de weg zat. Als de coping wegviel, kwamen traumaklachten sterker naar boven, met herbelevingen en nachtmerries. Andersom ging het ook mis. Bij een traumabehandeling nam de eetstoornis vaak de lading weer over, waardoor verwerking niet lukte. Cliënten werden heen en weer gestuurd, en dat frustreerde.
Changes kiest daarom voor beide tegelijk. Je volgt de behandeling voor de eetstoornis, en na een aantal weken komt er een tweeweeks traumaprogramma bij. Daarin zijn meerdere individuele sessies per week, met onder meer EMDR, imaginaire exposure en schematherapie. Ook lichaamsgerichte en ervaringsgerichte therapie horen erbij. Dat is belangrijk, omdat mensen met een eetstoornis vaak goed zijn in hun hoofd, terwijl het contact met hun lijf en gevoel uitgeschakeld is. Trauma kan ook opgeslagen liggen in het lichaam, waardoor je lijf kan reageren zoals tijdens het trauma. Dat is iets om je niet voor te schamen. Je bent niet gek en het is niet je schuld.
Iris herkent dat verband tussen hoofd en lijf. Ze kon bedenken wat ze zou moeten voelen, maar het echt doorleven was iets anders.
Wat ze je willen meegeven
Iris: je hoeft niet te weten waar het vandaan komt om te beginnen met herstel. Als je merkt dat je leven op deze manier niet bij je past, is dat meer dan voldoende. Gun jezelf die behandeling.
Birgit: als je twijfelt of je het verdient, is het antwoord altijd ja. Als je jezelf die vraag stelt, is er iets in jou dat zegt dat het zo niet langer gaat. Je bent welkom, ook als je het nog niet zeker weet.
Merk je dat gedachten over eten, gewicht of bewegen steeds meer ruimte innemen? Doe onze anonieme zelftest. Het helpt ook om erover te praten met iemand die je vertrouwt, bijvoorbeeld bij je huisarts.
🎧 Luister de aflevering nu via ons Spotify of YouTube kanaal.
Herken je jezelf of een naaste in het verhaal van Han? Neem dan contact op met Changes GGZ via onze contactpagina. Een eerste gesprek is vaak al een grote stap.
Veelgestelde vragen
Ja. Een eetstoornis hoeft niet voort te komen uit één ingrijpende gebeurtenis. Ook onzekerheid, het gevoel anders te zijn of somberheid kunnen meespelen. Als het invloed heeft op je dagelijks leven, is het erg genoeg om hulp te zoeken.
KIT-E staat voor klinische intensieve traumabehandeling voor eetstoornissen. Naast de behandeling voor de eetstoornis volg je een intensief traumaprogramma van twee weken, met onder meer EMDR, imaginaire exposure en schematherapie, aangevuld met lichaams- en ervaringsgerichte therapie.
Als de eetstoornis wegvalt, kunnen traumaklachten sterker worden. Andersom kan de eetstoornis harder gaan werken als je alleen het trauma behandelt. Door beide tegelijk aan te pakken, krijgt verwerking meer kans.
Bij een herbeleving reageert je lijf zoals tijdens een traumatische gebeurtenis, ook als die al voorbij is. Net als beelden kunnen die reacties te pas en te onpas opkomen. Het is geen teken dat je gek bent en het is niet je schuld.
Anorexia nervosa is een eetstoornis waarbij iemand veel bezig is met eten, gewicht en het eigen lichaam, vaak vanuit de behoefte aan controle. Het is meer dan een probleem met eten, en je kunt het ook hebben als je er van buiten niet ziek uitziet. Lees meer over anorexia en de behandeling bij Changes GGZ.

